Tips rond financiële sponsoring van kinderen in ontwikkelingslanden

Een financiële sponsoring is een lange termijn-engagement waarbij een Vlaams persoon een kind in een derde wereldland de mogelijkheid schenkt om bv. naar school te gaan en een diploma te behalen. Via een periodieke bijdrage betaalt deze persoon voor 'zijn of haar' kindje.

We spreken best van 'sponsoring', in plaats van 'financiële adoptie', om verwarring met 'adoptie' te vermijden. In tegenstelling tot echte adoptieouders, verwerven financiële steunouders natuurlijk geen rechten over of geen juridische band met 'hun' kind door het te sponsoren. Het wordt ook wel eens peter- of meterschap genoemd.

Door de tastbare band met een sponsorkind is financiële sponsoring een erg aantrekkelijk model om schenkers aan te spreken. Het toont mensen heel concreet wat ze met hun geld steunen. Maar het model houdt ook een aantal valkuilen in. Grote organisaties die veel ervaring hebben met dit systeem, hebben deze vorm van geïndividualiseerde hulpverlening om tal van redenen geleidelijk afgebouwd en omgevormd.

Hieronder vind je een lijst van vragen, die je jezelf zou kunnen stellen voor je begint met het organiseren van een financiële sponsoring.

1. Hoe organiseer je zo'n systeem?
2. Is zo'n financieel sponsoringssysteem moeilijk te organiseren?
3. Wat zijn de gevolgen voor de gemeenschap van het gesponsorde kindje?
4. Gaat het gestorte bedrag volledig naar het desbetreffende kindje?
5. Hoe selecteer je de kinderen?
6. Welke verwachtingen kan je scheppen bij de Vlaamse ouders?
7. Kan een Vlaamse ouder zomaar stoppen met de financiële sponsoring?

 

 

1. Hoe organiseer je zo'n systeem?

Er bestaan verschillende systemen. Soms gaat het over het sponsoren van tientallen kinderen, soms gaat het over meer dan 1.000 kinderen. Ook het bedrag dat men vraagt kan heel verschillend zijn (van 25 € per jaar tot 30 € per maand). Het sponsorgeld wordt bij sommige organisaties enkel voor het onderwijs van het kind aangewend, terwijl het bij andere systemen gebruikt wordt voor voeding, gezondheidszorg en de familie.

>> TIP: De ngo Cunina maakt via haar charter zeer duidelijk afspraken met de steunouders: Je leest ze hier

>> TIP: Een universeel systeem kunnen we niet meegeven. Enkele voorbeelden van 4de pijlerinitiatieven die werken met financiële sponsoring zijn: Asha-hope, Finado, Zoutmijnkinderen, enz. Zoek op de website via de zoekfunctie naar "financiële adoptie" of "peterschap" en je vindt vele voorbeelden van 4de pijlerinitiatieven die jullie kunnen verder helpen. Contacteer hen voor meer informatie over hun manier van werken.

 

2. Is zo'n financieel sponsoringsysteem moeilijk om te organiseren?

Financiële sponsoring van een kindje door een Vlaamse ouder is administratief veel werk en tijdsintensief om te organiseren. Je moet goed weten waaraan je begint. Er komt veel bij kijken.

>> TIP: Werk met een partnerorganisatie in het Zuiden (congregatie, weeshuisdirectie, oudercomité school, directie school, enz.) die alles ter plaatse regelt.

>> TIP: Hou je bestand klein en beheersbaar. Er moet één verantwoordelijke zijn om het bestand nauwlettend in het oog te houden.

>> TIP: Ook in het Zuiden moet er één persoon de sponsorbanden opvolgen. Spreek dit tijdens je werkbezoek goed af. Bekijk dit samen en maak duidelijke afspraken over de verwachtingen aan beide kanten.

>> TIP: Ook met het gezin van het kind moeten er duidelijke afspraken gemaakt worden over de besteding van het geld. Je partnerorganisatie kan eventueel ook instaan voor het besteden van het geld.

 

3. Wat zijn de gevolgen voor de gemeenschap van het gesponsorde kindje?

Het kind wordt individueel gesponsord. Dat schept soms sociale problemen in de gemeenschap in het Zuiden. Zo krijgt het individuele kind een uitgesproken voorkeursbehandeling die op gemeenschapsniveau tot spanningen kan leiden.

>> TIP: Hou de bijdrage beperkt en specificeer heel precies met je partnerorganisatie in het Zuiden waarvoor de bijdrage zal gebruikt worden. De partner in het Zuiden moet ook de ouders goed inlichten en hun medewerking vragen.

>> TIP: Gebruik een deel van het geld specifiek voor het kind, maar hou een ander deel voor gemeenschapsprojecten, die het kind ook ten goede komen. Communiceer dit ook eerlijk aan de sponsorouders.

>> TIP: Als de kosten in een bepaald gebied lager zijn dan het sponsorbedrag, kan dit restbedrag gebruikt worden voor gemeenschapsprojecten.

 

4. Gaat het gestorte bedrag volledig naar het desbetreffende kindje?

Soms werkt een organisatie in verschillende landen of gebieden waar de kosten anders zijn. Op die manier blijft er vaak een restbedrag over. Daarnaast kost het ook wat om financiële transfers te doen naar het Zuiden. Veilig overschrijven via een bank kost geld.

>> TIP: Als de kosten in een bepaald gebied lager zijn dan het gesteunde bedrag, kan dit restbedrag gebruikt worden voor gemeenschapsprojecten. Communiceer dit duidelijk en eerlijk naar je sponsorouders toe.

>> TIP: Werk met een afsprakennota, een charter of een lijst met enkele principes, waarin je omschrijft wat er precies met het geld gebeurt. Stuur dit altijd op bij een aanvraag. Publiceer dit op je website. Een goed voorbeeld zijn de zeer duidelijke afspraken die ngo Cunina maakt met de steunouders.

>> TIP: Geld stort je best veilig via een bank. Neem dit nooit mee in je bagage naar het projectland. Je werkt tenslotte met geld van donoren. 
De administratieve kosten (bankkosten, kosten voor mailings, enz.) zijn perfect te verantwoorden. Vermeld dit ook in je afsprakennota of charter.

 

5. Hoe selecteer je de kinderen?

Het is altijd moeilijk om een keuze te maken tussen wie wel en wie niet in aanmerking komt voor financiële sponsoring.

>> TIP: Bepaal die selectiecriteria niet zelf, maar doe dit samen met de partner in het Zuiden. Op die manier zullen ze beter nageleefd worden en ontstaan er minder misverstanden.

>> TIP: Zorg ook dat de selectiecriteria duidelijk zijn, zodat de gemeenschap weet hoe kinderen worden gekozen. Baken ook de regio af om het beheersbaar te houden.

>> TIP: Zorg daarenboven voor een eindleeftijd. Meestal komt die overeen met de leeftijd waarop de middelbare school eindigt in het land.

>> TIP: En wat nadien? Denk vooraf na over je aanpak zodra de kinderen ouder zijn. Ga je hen ook steunen om verder te studeren. Ga je hen begeleiden bij hun eerste stapen op de arbeidmarkt? Heel wat organisaties hebben het (terecht) moeilijk om "hun" kinderen 'te laten vallen'' zodra ze 18 jaar zijn en worden opd at ogenblik gevconfronteerd met de vraag "Hoe verder?".

 

6. Welke verwachtingen kan je scheppen bij de Vlaamse ouders?

De Vlaamse ouder heeft vaak wensen en verwachtingen (op bezoek gaan, briefwisseling, cadeautjes sturen, enz.) die niet altijd ingevuld kunnen worden.

>> TIP: Spreek duidelijk af met de Vlaamse ouder wat hij/zij kan verwachten van de organisatie en van het kind. Weet dat de partner in het Zuiden zo weinig mogelijk administratieve last mag ondervinden van het systeem van financiële sponsoring.

>> TIP: Werk met een afsprakennota, een charter of een lijst met enkele principes. Stuur dit altijd op bij elke nieuwe aanvraag en publiceer dit op je website. Communiceer open met je sponsor en beloof hem/haar geen dingen die niet kunnen waargemaakt worden. (bv. een bezoek ter plaatse, individuele briefwisselingen, enz.)

>> TIP: Gebruik het internet om regelmatig nieuwe informatie te geven over de kinderen. Je kunt werken met individuele fiches. Ithemba en Opus III doen dit reeds.

 

7. Kan een Vlaamse ouder zomaar stoppen met de financiële sponsoring?

Indien een Vlaamse ouder plots stopt met betalen of niet meer geïnteresseerd is in het project, kan dit problemen opleveren voor het sponsorkindje in het Zuiden. De continuïteit moet gewaarborgd worden.

>> TIP: Vermeld in de afsprakennota met de ouders altijd een soort opzegtermijn. Als ouders je tijdig op de hoogte brengen van hun intentie om te stoppen met steunen, heb je voldoende tijd om uit te kijken naar nieuwe sponsorouders voor dit kind.

>> TIP: Besef dat ook de kinderen kunnen wegvallen in de loop van het proces door te verhuizen, van school te veranderen. Dat kan een teleurstelling zijn voor sponsorouders die dit kind al enkele jaren steunen. Communiceer hier open over en biedt hen de keuze om een ander kind te steunen of hun steun stop te zetten.

Log in om reacties te plaatsen